
“Blijf de aarde trouw, broeders”, zo spreekt de filosoof Friedrich Nietzsche in een van zijn werken, hij bedoelde dat anti-christelijk, want het hemelgeloof van zijn tijdgenoten nam hij maar wat graag op de korrel. Maar het zou zomaar kunnen dat dit devies ‘blijf de aarde trouw’ heel sterk overeenkomt met de betekenis van het Pinksterfeest, want wat er met Pinksteren gebeurt is dat God de aarde trouw blijft, zijn vurige liefde betoont. Niet voor niets heet de Pinkstercantate van Joh. Seb. Bach ‘o Ewiges Feuer, o Ursprung der Liebe’. Pure hartstocht.
Blijf de aarde trouw, dat is eigenlijk al het thema van Hemelvaart. . Het voorprogramma van Pinksteren, want als de Heer is opgestegen, krijgen de leerlingen te horen dat ze niet naar boven moeten blijven staren: “Galileeërs, wat staan jullie naar de hemel te kijken, Jezus die uit jullie midden in de hemel is opgenomen, zal op dezelfde wijze terugkomen.” De blik van de discipelen wordt zo weer terug geleid naar de aardse realiteit.
En met Pinksteren wordt duidelijk dat het waar is dat God de wereld liefheeft, heel de aarde komt in beeld, alle volken en talen, God laat niet langer op zich wachten, maar komt als heilige geest over de discipelen en de vonk slaat over naar allen die daar in Jeruzalem aanwezig zijn, vanwege het Pinksterfeest.
Want dat werd dus al gevierd, en die joodse oorsprong van Pinksteren is van belang, het is niet van joods in een christelijk feest veranderd, het is een samenhangend Bijbels gebeuren. Het wordt wel eens verzucht:‘wat vieren we nu eigenlijk met Pinksteren, wat moet ik me voorstellen bij de Heilige Geest?’
Dan moet je eerst bedenken waarom in het Nieuwtestamentische boek Handelingen allen bijeen zijn op dat Pinksterfeest, 50 dagen na Pesach en waarom al die mensen in Jeruzalem verzameld zijn. Dat is om te vieren dat de Eeuwige een verbond heeft gesloten met zijn volk bij de berg Sinaï, als ze Egypte ontvlucht zijn en in de woestijn beland. Op voorspraak van Mozes hebben ze zich laten meenemen, in naam van een hen onbekende God en daar bij de berg Sinaï, daar leren ze deze God echt kennen, want de Eeuwige daalt af, komt naar de aarde toe.
Met Pinksteren wordt in de synagoge gelezen, uit Exodus 19 en 20 waar de Eeuwige neerdaalt op de berg Sinaï om het volk een verbond (met de 10 leefregels!) aan te bieden. Een regeerakkoord waardoor je zult leven.
Maar als God verschijnt, daar op de berg, is dat een heftig incident, om het zomaar te noemen. De aarde schudt op haar grondvesten, donder en bliksem, een angstaanjagend natuurgeweld, God daalt af in vuur, alles in lichterlaaie, mensen die hier in Barendrecht de brand bij ‘de Kleine Duiker’ hebben gezien, kunnen invoelen hoe overweldigend dat is.
De aanwezigheid van God is wel eens omschreven als fascinerend en vreeswekkend tegelijkertijd. Je staat te trillen op je benen.
Maar let op, God verschijnt, daalt af, om een verbond aan te bieden, om zijn volk te vragen het met zijn geboden te wagen, om voortaan samen op te trekken. En je zou kunnen denken, als God dat wil, dan zit zijn verschijning hem wel wat in de weg. Als die zoveel schrik aanjaagt.
Dus daar zat ik over na te denken, als het God te doen is om dat verbond, waarom dan fascinerende en vreeswekkende natuurverschijnselen, die je de stuipen op het lijf jagen bij dat Pinkstergebeuren, de uitstorting van de Geest, zowel in Exodus als in Handelingen.
Daar zat ik over na te denken en toen was ik afgelopen woensdag hier in de kerk bij de voorstelling ‘de kleine goedheid’ van Pauline Seebrechts en zij vertelde hoe overweldigend, hoe schokkend het is… om een medemens (in nood) werkelijk te zien. Om het lijden van een ander tot je door te laten dringen. Kijk en laat je raken, was haar samenvatting van het denken van de Joodse filosoof Levinas.
Met God mee gaan ademen…
Want de aarde trouw blijven, de medemens zijn toegedaan, dat is geen eenvoudige opgave, daar zit spanning op, de vonken springen ervan af, dat de volken elkaar werkelijk gaan verstaan, dat is allerminst vanzelfsprekend, dat knettert en dat knalt.
Dus ik denk dat het vuur en de bevingen en de donderslagen bij dat neerdalen van God, dat is meer dan decor, dat laat zien dat het in die vurige hartewens van God om met zijn mensen op te trekken, om iets ontzettend spannends gaat, dat God daar zelf in vrees en beven aan begint, het is gevaarlijk terrein.
Het vuur dat uit de hemel neerdaalt, dat is Gods Geest en die zet je er toe aan om een coalitie aan te gaan met deze God, en dat is ergens spelen met vuur. Om in een moeilijke situatie je geweten te volgen. Om de schokkende ervaring dat een medemens je vraagt om recht te doen. Om te blijven geloven in een wereld waarin de volken elkaar verstaan.
Er is een rabbijnse legende die vertelt dat toen Mozes opsteeg naar de hemel om de Tora te ontvangen, die dienende engelen protesteerden bij God. “waarom geeft U het kostbaarste bezit aan stervelingen en niet aan ons.” God vroeg aan Mozes om antwoord te geven: Mozes keerde zich naar de engelen en zei: Er staat in de Tora: ‘neem de sabbat in acht, want het is een heilige dag”. Werken jullie, engelen, zodat jullie een rustdag nodig hebben? Er staat in de Tora ‘Toon eerbied voor jullie vader en moeder.’ Hebben jullie ouders die eer behoeven? Er staat in de Tora: ‘pleeg geen overspel.’ Hebben jullie, engelen, een neiging tot overspel zodat een dergelijk gebod noodzakelijk is?’ Daarop hielden de engelen op om bezwaar te maken.
Deze legende vertelt dat het deze aardse werkelijkheid van pijn en moeite, van zorg en spanning is, waar God zich mee verbindt, waar hij zijn regeerakkoord voor heeft geschreven, waarin zijn Geest afdaalt. Om bondgenoten en geestverwanten te zoeken.
God bllijft de aarde trouw. En Pinksteren roept je op om met God mee te gaan ademen.
Wanneer Petrus tijdens dit feest dankzij de uitstorting van de geest de menigte toespreekt, wordt hij geïnspireerd door de profetie van Joël: “Ik zal mijn geest (Hebreeuw ‘Ruach’: adem, wind) uitstorten op al wat leeft’.
God daalt af, wil wonen in onze werkelijkheid. Ik zal mijn Geest uitstorten op al wat leeft. Preciezer vertaalt staat er ‘op elk vlees’. Alle vlees staat er in oudere vertalingen, onze sterfelijke realiteit. Dat lastige leven van ons.
Blijf de aarde trouw, zusters en broeders, want God blaast zijn geest over je heen om op deze aarde daadwerkelijk zijn bondgenoot en geestverwant te zijn. Amen